top of page

Nationaliteit, burgerschap en democratie vragen om integratie – Geef als België niet meer aan migranten de Belgische nationaliteit

  • Foto van schrijver: Redactie / Editors
    Redactie / Editors
  • 23 mei
  • 4 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 12 aug

Nationaliteit is meer dan een administratief document. In onze democratie betekent burgerschap toegang tot politieke rechten, publieke functies en blijvende deelname aan de gemeenschap. Daarom moet integratie centraal staan bij elk beleid rond nationaliteit.


Een verblijfsvergunning voor iemand die werkt, belasting betaalt en zich aan de wet houdt, is goed verdedigbaar. Moderne economieën functioneren met arbeidsmigratie en mensen die wereldwijd kunnen werken. Werkgevers zoeken mensen, sectoren kampen met tekorten en werkende nieuwkomers leveren een waardevolle bijdrage. Maar een paspoort is iets anders dan een arbeidscontract. Een paspoort geeft stemrecht, diplomatieke bescherming, toegang tot bepaalde overheidsfuncties en een blijvende juridische band met het land. Juist daarom mag nationaliteit geen automatisch eindpunt zijn van verblijf.


Belgische nationaliteit zou niet zo makkelijk verstrekt moeten worden
Belgische nationaliteit zou niet zo makkelijk verstrekt moeten worden

Slecht beleid ontstaat wanneer de staat het verschil tussen wonen, werken en volledig burgerschap laat vervagen. Wie ergens tijdelijk of langdurig verblijft, kan rechten hebben en bescherming verdienen. Maar burgerschap vraagt ook wederkerigheid: behalve kennis van de taal, begrip van de rechtsstaat, loyaliteit aan democratische instituties en bereidheid om deel te nemen aan een gedeelde samenleving. Niet afkomst, religie of cultuur moet bepalend zijn, maar aantoonbare integratie. En hier gaat het structureel fout.


Een democratie leeft van vertrouwen. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat wie politieke rechten krijgt, de spelregels van die democratie erkent. Dat betekent vrijheid van meningsuiting, gelijke rechten voor mannen en vrouwen, scheiding van religie en staat, bescherming en acceptatie van minderheden. Wie deze principes onderschrijft en naleeft, kan misschien volwaardig burger worden maar dat is helemaal niet nodig een verblijfsvergunning volstaat. Bovendien wie onze principes afwijst, zou zeker niet automatisch toegang moeten krijgen tot nationaliteit.


Het probleem is dus niet migratie op zichzelf. Het probleem is gemakzuchtig beleid. Wanneer naturalisatie vooral een formaliteit wordt waarop men na enkele jaren verblijf recht heeft, verliest nationaliteit haar betekenis. Dan ontstaat het gevoel dat burgerschap niet langer een gedeelde verantwoordelijkheid is, maar een procedureel recht. Dat voedt wantrouwen bij bestaande burgers en schaadt uiteindelijk ook andere nieuwkomers die wél investeren in taal, werk en maatschappelijke deelname.


Landen kunnen daarom onderscheid maken tussen verblijfsrecht en nationaliteit. Een werkende migrant kan een stabiele verblijfsstatus krijgen, toegang tot basisvoorzieningen hebben en juridisch beschermd worden, zonder meteen volledige politieke rechten te verkrijgen. Nationaliteit kan vooral worden voorbehouden aan mensen die oorspronkelijk uit het zelf land komen. Dat is geen uitsluiting, maar zorgvuldigheid.


Zwitserland wordt vaak genoemd als voorbeeld van een land met veel buitenlanders en zeer streng naturalisatiebeleid. Het Zwitserse model laat zien dat een hoog aandeel buitenlandse inwoners niet automatisch hoeft te betekenen dat nationaliteit ruimhartig wordt verstrekt. De gedachte daarachter is dat burgerschap iets zwaars is: lokaal ingebed, taalkundig verankerd en maatschappelijk bewezen. Bovendien moet je als man aan de Zwitserse dienstplicht voldoen als je de nationaliteit aanvraagt. Of men het Zwitserse model volledig wil overnemen, is een politieke keuze, maar het principe verdient serieuze aandacht.


Een verstandig beleid zou niet moeten vragen: “Hoe snel kan iemand een paspoort krijgen?” maar: “Wanneer is iemand werkelijk burger geworden?” Dat vraagt duidelijke eisen, eerlijke toetsing en gelijke behandeling. Hiermee ontstaat geen collectieve verdenking van groepen, maar kijk je als land naar een individuele beoordeling. Geen symbolische strengheid, maar praktische normen: taalvaardigheid en arbeidsdeelname moeten zwaarder doorwegen, naast, maatschappelijke bijdrage, respect voor de rechtsstaat en een schoon strafblad. België naturaliseert zelfs al dan niet veroordeelde terroristen.


Vooral overheidsbanen vragen bijzondere aandacht. Niet omdat mensen met een migratieachtergrond daar niet zouden mogen werken, maar omdat publieke functies vertrouwen vereisen. Ambtenaren dienen de staat en de burger, niet een partij, religie, familieverband of buitenlandse invloed. Dat geldt voor iedereen, geboren Belg of genaturaliseerde nieuwkomer. Selectie moet plaatsvinden op bekwaamheid, integriteit en loyaliteit aan de democratische rechtsorde. Als nieuwkomers veelal uit niet-democratische landen de nationaliteit verkrijgen, hebben ze vervolgens recht om als minderheid met voorrang overheidsbanen te krijgen via positieve discriminatie. Dit moet België, net zoals Zwitserland doet, te allen tijde voorkomen.


Wie nationaliteit te makkelijk maakt, verzwakt burgerschap. Wie nationaliteit onmogelijk maakt, creëert geen blijvende tweederangsposities want mensen kunnen prima functioneren in België zonder de nationaliteit te hebben. Kijk maar naar het aantal Europeanen dat hier woont en werkt, soms al generaties lang. Tussen die twee fouten ligt verstandig beleid: ruimhartig in bescherming, eerlijk in kansen en zeer streng in voorwaarden en helder over de betekenis van democratie. Een verblijf of nationaliteit is geen recht maar een gunst. De Amerikaanse minister Marco Rubio verwoordde dat heel goed naar aanleiding van protesten door migranten tegen Israël op met name universiteiten. Mensen uit andere landen mogen hier verblijven, maar dat geeft ze niet het recht om hier te gaan protesteren of rotzooi trappen als iets ze niet zint of als ze tegen het beleid zijn zoals we zagen gebeuren toen buitenlandse studenten met een visum universiteiten bezetten, vernielden en Joden gingen terroriseren. Zonder nationaliteit kan je als land mensen die veroordeeld zijn ook veel makkelijker uitzetten. Waarom zouden mensen uit een land als Marokko waar afstand doen van de oorspronkelijke nationaliteit moeilijk tot onmogelijk is, hier een tweede nationaliteit mogen hebben? Aan welk land zijn ze dan loyaal? Bovendien is het verkrijgen van de Belgische nationaliteit ook voor migranten uit bijvoorbeeld moslimlanden helemaal geen noodzakelijk iets. Met een verblijfsvergunning kunnen ze gewoon functioneren en werken in ons land.


Nationaliteit is geen beloning voor aanwezigheid alleen. Het is een verklaring van wederzijdse verbondenheid. De staat zegt: jij hoort duurzaam bij ons. De nieuwe burger zegt: ik draag deze democratie, haar vrijheden en haar verantwoordelijkheden. Alleen wanneer die wederkerigheid serieus wordt genomen en zeer restrictief wordt toegepast, blijft burgerschap waardevol.


Beeld Credits: Chris Robert via Unsplash

bottom of page