top of page

Ceuta ontmaskert de tandeloze politiek van Europa

Foto van schrijver: Daniël de Liever
Daniël de Liever
5 aug
6 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 12 aug

Het zal niemand zijn ontgaan. Afgelopen week werd het nieuws gedomineerd door wat ik nauwelijks anders kan omschrijven dan een invasie van illegale migranten. Tienduizenden mensen, voornamelijk afkomstig uit Marokko, trokken de Spaanse exclave Ceuta binnen.


Over de gebeurtenissen in Ceuta valt veel te zeggen. Het belangrijkste is misschien wel dat deze crisis ons een spiegel voorhoudt over veel meer dan migratiebeleid. In die spiegel zien we geen sterk en eensgezind Europa, maar een politiek bestuur dat vooral reageert wanneer het al te laat is.


De genoemde aantallen lopen uiteen. Sommige berichten spreken over bijna 50.000 mensen, andere over ongeveer 72.000. Voor de kern van het probleem maakt dat nauwelijks verschil. Zeker is dat de grensbewaking tijdelijk instortte en dat Spanje pas daarna probeerde de controle te herstellen.


De grenzen van Spanje worden niet gecontroleerd
De grenzen van Spanje worden niet gecontroleerd

Spanje voert een riskant migratiebeleid

Onder de zeer linkse en socialistische regering van premier Pedro Sánchez is het niet vreemd dat zulke situaties ontstaan. De gebeurtenissen in Ceuta staan bovendien niet op zichzelf. Een mogelijk nog grotere migratieblamage is de aangekondigde Spaanse amnestie voor illegale migranten.


Die maatregel kan volgens schattingen tussen de één en drie miljoen mensen een legale verblijfsstatus opleveren. Zelfs hoge Spaanse immigratiefunctionarissen zouden waarschuwen voor de gevolgen. De immigratiediensten, controlesystemen en publieke voorzieningen zijn volgens hen niet voorbereid op zo’n omvangrijke operatie.


Dan hebben we het nog niet eens over de mogelijke gevolgen voor de veiligheid, de sociale samenhang en de culturele continuïteit van Spanje. Wie op deze schaal verblijfsrechten verstrekt zonder dat de uitvoerende diensten daarop zijn voorbereid, voert geen gecontroleerd beleid. Die zet een experiment op waarvan de hele samenleving de gevolgen moet dragen.


Nederland reageert met woorden

Ook dichter bij huis is de politieke reactie op de gebeurtenissen in Ceuta overigens dramatisch. Premier Jetten deed er dagen over om met een algemene en weinigzeggende verklaring te komen. De rest van het kabinet kwam evenmin veel verder.


Het kabinet wil onderzoek. Het wil overleg. Het wil weten hoe dit kon gebeuren. Maar concrete maatregelen tegen Spanje of Marokko blijven uit. Asielminister Bart van den Brink noemt de gebeurtenis een “ongekende schending van de integriteit van de buitengrens van Europa”. Tegelijkertijd stelt hij dat Spanje “adequaat” heeft gehandeld en dat Marokko zich “constructief” opstelt.


Dat klinkt op het eerste gezicht misschien geruststellend. In werkelijkheid is het vooral politieke taal. Woorden die nauwelijks lijken aan te sluiten bij wat zich aan de grens heeft afgespeeld.


Marokko lijkt zich immers allerminst constructief te hebben opgesteld. Het land heeft de massale oversteek op zijn minst laten gebeuren. De Sloveense premier Janez Janša zei al vóór de gebeurtenissen in Ceuta dat Marokko er mogelijk een onofficieel beleid op nahoudt waarbij bepaalde criminelen de gelegenheid krijgen naar Europa te vertrekken.


Een anonieme Marokkaanse minister zou daarover hebben gezegd tegen hem: “Ons rechtssysteem is zo dat als we iemand betrappen op zulke criminele activiteiten, niet de zwaarste, het niet in ons belang is om hen te berechten of in de gevangenis te zetten.”


Ook Ceuta wijst naar Marokko

De leider van Ceuta, Juan Jesús Vivas, is eveneens zeer kritisch over de rol van Marokko. “Men had het gevoel dat dit op zijn minst werd aangemoedigd of toegestaan door Marokko, als het niet door het land zelf is georkestreerd.”


Dat zijn zware woorden. Toch lijkt het Nederlandse kabinet vooral bang om conclusies te trekken. De samenwerking met Marokko moet koste wat kost in stand blijven. Zelfs wanneer er sterke aanwijzingen zijn dat het land zijn grensbewaking bewust heeft verzwakt, volgen geen sancties of andere maatregelen.


Andere Europese landen trokken gelukkig wel gedeeltelijk een andere conclusie, met name over de rol van Spanje. Italië, Denemarken, Finland en Tsjechië wilden Spanje tijdelijk uit het Schengengebied zetten. Nederland vond dat uiteraard niet nodig.


Daarmee wordt de scheur binnen Europa opnieuw zichtbaar. De lidstaten zeggen gezamenlijk één buitengrens te bewaken, maar reageren totaal verschillend wanneer die grens op grote schaal wordt doorbroken. De ene regering wil ingrijpen. De andere regering wacht liever op een rapport.


De controle komt pas achteraf

Het probleem is echter veel groter dan Ceuta. Europa heeft al jaren te maken met grote en ongecontroleerde migratiestromen. Mensen steken de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan over. Velen komen onderweg om het leven. Anderen verdwijnen na aankomst uit beeld en blijven illegaal in Europa, met alle maatschappelijke en veiligheidsrisico’s van dien.


Vaak ontdekken Europese autoriteiten pas achteraf wie er precies is binnengekomen. Ook in Ceuta was dat opnieuw het geval. Nadat de mensenmassa de exclave al was binnengedrongen, moest de Spaanse politie camerabeelden onderzoeken om personen te identificeren.


Daarbij werden zeker tien mensen herkend die eerder in Spanje waren veroordeeld binnen een terrorismeonderzoek. Dat toont hoe kwetsbaar en fragiel het Europese grensbeleid werkelijk is. De controle vindt niet plaats voordat iemand de grens oversteekt, maar pas wanneer de betrokkene al binnen is en mogelijk opnieuw uit beeld is verdwenen. Een grensbeleid dat vooral achteraf probeert vast te stellen wie er is binnengekomen, is geen werkelijk grensbeleid. Het is administratieve schadebeperking.


Europa plakt pleisters

De politiek reageert ondertussen met pleisters. Er komt een spoedoverleg, een onderzoek of een gezamenlijke brief waarin zorgen worden uitgesproken. Daarna keert de rust terug, tot de volgende crisis uitbreekt.


Fundamentele keuzes worden telkens uitgesteld. Europa belooft strengere regels via het EU-migratiepact, maar mist nog altijd werkende afspraken met landen van herkomst en doorreis. Ook binnen de Europese Unie worden bestaande afspraken niet altijd nageleefd. Zo weigert Italië volgens Nederland in bepaalde gevallen asielzoekers terug te nemen.


Het migratiepact bestaat daardoor vooral uit procedures, verdeelsleutels en verplichtingen op papier. Zonder betrouwbare terugkeer, snelle beoordelingen, effectieve grensbewaking en opvang buiten de Europese Unie verandert er in de praktijk weinig.


Socioloog Ruud Koopmans verwoordde dat scherp: “Er is in humanitaire zin dus helemaal niets bereikt. Mensen zijn dood, Europa is in rep en roer en hiermee is aangetoond dat het nieuwe Europese asielsysteem zo lek is als een mandje. Dit laat precies zien waarom de

Europese regels niet functioneren, omdat essentiële bouwstenen alleen op papier bestaan.”

Volgens Koopmans zijn terugkeerhubs en afspraken met derde landen snel nodig. “Als de terugkeerhubs er niet binnen afzienbare tijd zijn, moeten alle mensen in de procedure gewoon de EU binnengelaten worden. Daarom hoop ik dat deze gebeurtenis voor versnelling zorgt.”


Een besluit is nog geen oplossing

Daar ligt de kern. De politiek verwart een besluit steeds vaker met een oplossing. Een aangenomen wet wordt gepresenteerd als succesvol beleid. Een Europees akkoord wordt verkocht als herwonnen controle. Maar een regel die niet uitvoerbaar is, biedt geen bescherming. Het is een belofte zonder macht.


Spanje kreeg de situatie volgens Koopmans alleen onder controle door de eigen regels niet te volgen. Dat is pijnlijk, maar ook veelzeggend. Europese regeringen beroepen zich graag op internationaal en Europees recht, terwijl zij tegelijkertijd een systeem bouwen dat in een noodsituatie nauwelijks kan functioneren.


Zodra de druk oploopt, wijkt de praktijk af van de regels. Vervolgens doet iedereen alsof het systeem nog steeds overeind staat. Zo ontstaat een gevaarlijke politieke werkelijkheid. Burgers horen dat de buitengrens wordt bewaakt, terwijl de beelden iets anders laten zien. Zij horen dat terugkeer goed geregeld is, terwijl onduidelijk blijft wie precies is teruggestuurd en waarheen. Zij horen dat de samenwerking met Marokko cruciaal is, terwijl er tegelijkertijd aanwijzingen zijn dat het Marokkaanse grenstoezicht werd afgebouwd of volledig verdween. Daarmee verliest de Europese politiek het laatste restje geloofwaardigheid dat zij nog heeft.


Het vertrouwen in de democratie staat op het spel

Dat verlies raakt uiteindelijk niet alleen het migratiebeleid. Het raakt de democratie zelf. Wanneer gekozen bestuurders grote problemen jarenlang niet oplossen, gaan kiezers op zoek naar partijen die wel daadkracht beloven.


Op rechts kan dat leiden tot een groeiende roep om etnonationalisme. Op links verzamelen radicale, socialistische en pseudo-communistische bewegingen zich rond steeds verdergaande oplossingen. Het falen van het politieke midden is daarmee kostbaar voor ons allemaal.


Een politiek midden dat weigert fundamentele keuzes te maken, bestrijdt radicalisering niet. Het voedt haar juist. Wie problemen ontkent, uitstelt of verstopt achter juridische taal, maakt de aantrekkingskracht van uitersten alleen maar groter.


Zonder grote keuzes op het gebied van migratie en andere belangrijke dossiers blijft de politiek tandeloos. Na iedere crisis volgen dan opnieuw verklaringen, overleggen, onderzoeken en tijdelijke maatregelen. Er worden pleisters geplakt, terwijl de wond steeds groter wordt.


Dat gaat door totdat burgers niet langer geloven dat het politieke systeem hen kan beschermen. Dat vooruitzicht is niet onvermijdelijk. Maar om het te voorkomen is meer nodig dan papier.


Europa heeft politieke moed nodig. Het heeft duidelijke grenzen nodig. En vooral: het heeft bestuurders nodig die niet alleen besluiten nemen, maar ook bereid zijn die daadwerkelijk uit te voeren.


Daniel de Liever is redacteur bij NieuwRechts en schrijft voor verschillende media, waaronder The European Conservative en Junge Freiheit, over culturele en politieke thema’s.


Beeld credits: Jannik via Unsplash

bottom of page