De kettingzaag revolutie - Javier Milei’s rothbardiaanse aanval op het Argentijnse collectivisme
- Lorenzo Cianti

- 20 uur geleden
- 18 minuten om te lezen
[Dit artikel is een van de winnaars van de jaarlijkse Kenneth Garschina Undergraduate Student Essay Contest. In maart 2026, ter viering van Murray Rothbards 100e geboortedag, dienden studenten essays in over zijn iconische austro-libertarische tekst, For a New Liberty: A Libertarian Manifesto. De drie beste deelnemers presenteerden hun essays op de Austrian Economics Research Conference.]
In de afgelopen decennia heeft de mensheid machteloos moeten toezien hoe de politieke macht zich zonder grenzen heeft uitgebreid. De gezwollen macht van de uitvoerende macht, centrale planning en het routinematige beroep van overheden op vermeende “noodmaatregelen” hebben de vrijheid ingeperkt, vrijwillige samenwerking ondermijnd en geleid tot een scherpe daling van de economische welvaart. Deze trend voert burgers naar een steeds grotere onderwerping aan het dwangapparaat van de Staat—precies de weg naar horigheid die Friedrich von Hayek zich midden in de Tweede Wereldoorlog voorstelde. Helaas heeft Murray Rothbards krachtige boodschap in For a New Liberty: The Libertarian Manifesto in latere gebeurtenissen weinig weerklank gevonden.

Meer dan een halve eeuw geleden merkte de vader van het anarcho0kapitalisme op hoe etatisme elke partijpolitieke scheidslijn overstijgt en er slechts toe dient het welzijns-oorlogs-regulatoire complex te versterken via de onheilige alliantie van grote overheid, grootbedrijf en grote vakbonden. In zo’n somber landschap had men kunnen aannemen dat Rothbards les een dode letter zou blijven. Toch lijkt de vrijheid vandaag opnieuw op te bloeien op de plek waar men dat het minst zou verwachten. De bakermat van deze libertarische heropleving is niemand minder dan Argentinië, lang verpletterd onder het gewicht van het peronisme en generatieslang gedomineerd door collectivistische doctrines en wantrouwen tegenover vrije markten. Maar dat is niet altijd zo geweest.
Na de onafhankelijkheid in 1816 trok Argentinië opeenvolgende golven Italiaanse en Spaanse immigranten aan, die een sterke arbeidsethos en pioniersgeest meebrachten. De aanwezigheid van vruchtbare vlakten in de Pampas, een dynamische private sector en tastbare vooruitzichten op sociale vooruitgang trokken hen weg uit de sobere omstandigheden van hun geboorteland. Deze kolonisten zetten zich met grote toewijding in en hielpen het karakter van hun nieuwe natie vorm te geven, terwijl zij een sleutelrol speelden in de opmars van Argentinië naar de voorhoede van de rijkste landen ter wereld. Het hoogtepunt van deze glorie periode voltrok zich aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw, doorgaans bekend als de Edad de Oro—een tijdperk dat parallel loopt met de Amerikaanse Gilded Age.
De ondernemers van Buenos Aires, geholpen door technische expertise en kapitaal van Britse bedrijven, waren de drijvende kracht achter een privaat gefinancierd infrastructuurnetwerk dat uitgroeide tot het grootste spoorwegsysteem van de Southern Cone. Daarmee bevorderden zij de verstedelijking van de centrale provincies van Argentinië en gaven zij de handelsstromen tussen de kustgebieden en het binnenland een krachtige impuls. Massale landbouwexporten, bescheiden invoertarieven en directe buitenlandse investeringen sloegen de handen ineen om een economisch wonder te ontketenen.
Tussen 1870 en 1914 verdubbelde het bbp per hoofd van de bevolking in Argentinië ruimschoots. Het land, dat begon met minder dan 2 miljoen inwoners, groeide uit tot meer dan 8 miljoen; de jaarlijkse bevolkingsgroei bedroeg gemiddeld 3,4 procent, terwijl het bbp jaarlijks met ongeveer 5 procent groeide. Tegen die tijd kwam het inkomen per hoofd van de bevolking in Argentinië bijna overeen met dat van Canada en Australië, lag het hoger dan dat van Frankrijk, België en Duitsland, en overtrof het ruimschoots de levensstandaard in Italië en Spanje, de belangrijkste herkomstlanden van zijn nieuwe burgers. Maar dit gedenkwaardige intermezzo, dat sterk deed denken aan rothbardiaanse vrijheid, liep ten einde.
Het tijdperk van minimale overheidsinmenging maakte al snel plaats voor een periode in de Argentijnse geschiedenis die bekendstaat als de Década Infame. Dit beruchte decennium begon met de militaire staatsgreep van 6 september 1930, die de zittende president Hipólito Yrigoyen afzette. Terwijl de Grote Depressie de wereldwijde vraag deed instorten, sloot de Argentijnse elite de binnenlandse markt af in een gedoemde poging tot autarkie. Zij verhoogden protectionistische barrières om de afhankelijkheid van ingevoerde industriële goederen te beperken, voerden prijs- en looncontroles in en richtten in 1935 de Centrale Bank van de Argentijnse Republiek op. Deze institutionele verschuiving gaf de overblijfselen van de goudstandaard de genadeslag en verankerde het monopolie van de Staat op geldschepping en krediet.
De situatie verslechterde verder toen generaal Juan Domingo Perón op 24 februari 1946 aan de macht kwam. Perón bewonderde Benito Mussolini’s vaardigheid om arbeid en kapitaal te “verzoenen” zó diep, dat hij kernelementen van het Italiaanse fascisme probeerde aan te passen aan de Argentijnse context. Zijn dirigistische bewind markeerde het begin van een grootschalige staatssturing van de economie, samen met welzijnsprogramma’s en de nationalisatie van strategische sectoren. Het peronisme verhief vakbonden tot de hoeksteen van een corporatistische orde die “sociale rechtvaardigheid” beloofde, maar ondermijnde tegelijk de middenklasse door de georganiseerde arbeid te bevoordelen ten koste van zelfstandige producenten. Schendingen van eigendomsrechten maakten tiranniek misbruik mogelijk tegen iedereen die weigerde zich in de gelederen van het regime te scharen. Dissidenten kregen te maken met onderdrukkende, confiscatoire belastingen of werden vervolgd totdat hun stemmen tot zwijgen waren gebracht.
De terugkeer van de democratie in 1983 bracht weinig wezenlijke veranderingen in de Argentijnse economie. Het peronisme en zijn linkse variant, het Kirchnerisme, kwamen samen onder de bredere paraplu van het “socialisme van de 21e eeuw”, dat zich hulde in termen als “democratisch humanisme” en “herverdeling van rijkdom”. Kirchnerisme hield zich niet alleen aan Peróns model, maar omarmde een veel verdergaande verering van de Leviathan. Tijdens hun twaalfjarige regeerperiode organiseerden Néstor Kirchner (2003-2007) en Cristina Fernández de Kirchner (2007-2015) inbeslagnames van particuliere pensioenfondsen, grote ondernemingen en spaargeld van huishoudens. De misstanden hielden onverminderd aan: ongeremde geldcreatie voedde de inflatie en veroorzaakte devaluatie van de peso, officiële statistieken werden gemanipuleerd om wanbeheer te verhullen, en Argentinië smeedde diplomatieke banden met socialistische regeringen in de regio.
Voorafgaand aan de verkiezingscyclus van 2023 zou elke poging om de toekomst van Argentinië te schetsen neer zijn gekomen op een oefening in het voorspellen van rampspoed. Het land zat vast in een spiraal van oplopende schulden en corruptie, zonder realistische hoop op een uitweg uit zijn langdurige crisis. Een onverwacht fenomeen gooide de voorspellingen van pundits overhoop en keerde een traject om dat ooit als onomkeerbaar werd beschouwd. De austro-libertarische econoom Javier Milei, die pleit voor een radicale terugdringing van staatsmacht, heeft een opmerkelijke opmars gemaakt in de nationale politiek. Wat paradoxaal klinkt, heeft resultaten opgeleverd die uitnodigen tot toetsing aan Rothbards fundamentele argumenten. Voordat we die analyse maken, is het nodig Milei’s intellectuele achtergrond te begrijpen.
De huidige president heeft zich met grote toewijding verdiept in libertarische ideeën en beheerst het werk van Mises, Hayek, Böhm-Bawerk, Kirzner, Hazlitt, Machlup en vele anderen. Zoals Milei vertelt in zijn semi-autobiografische boek The Path of the Libertarian, kwam hij tijdens zijn tienerjaren voor het eerst in aanraking met de Oostenrijkse economie. Zijn kennismaking met Carl Mengers Principles of Economics veranderde zijn denkwijze en liet hem de misvatting inzien van strikt wiskundige constructies die op menselijk handelen worden toegepast. Het lezen van Rothbards Man, Economy, and State versterkte zijn overtuiging in de praxeologie.
Ondanks resterende monetaristische sporen is het op zijn best misleidend om Milei als een neoklassieke geleerde te bestempelen. In Capitalism, Socialism, and the Neoclassical Trap (2024) ontmantelde hij het neoklassieke paradigma en stelde hij dat de inherente gebreken ervan—zoals het veronderstellen van “evenwicht onder perfecte concurrentie” en het inroepen van “marktfalen” om overheidsingrijpen te rechtvaardigen—de weg effenen voor collectivisme en groei verstikken. Net als Rothbard is Milei’s visie geworteld in de aristotelisch-thomistische filosofie en berust zij op methodologisch individualisme.
Milei dankt zijn grondige kennis van de Oostenrijkse economie aan een voortdurende dialoog met mentoren als Jesús Huerta de Soto en Alberto Benegas Lynch Jr., die de definitie van klassiek liberalisme formuleerde die Milei vaak in zijn toespraken aanhaalt:
“Het onbeperkte respect voor het levensproject van anderen, gegrond op het non-agressiebeginsel en op de verdediging van de rechten op leven, vrijheid en eigendom—waarvan de fundamentele instituties privé-eigendom zijn, vrije markten zonder staatsingrijpen, vrije concurrentie, arbeidsdeling en sociale samenwerking, waarbij succes alleen mogelijk is door anderen te dienen met goederen van betere kwaliteit tegen betere prijzen.”
Deze gevolgtrekking overlapt met Rothbards libertarische credo zoals hij het uiteenzet in For a New Liberty:
“Het absolute recht van ieder mens op het eigendom van zijn eigen lichaam; het even absolute recht om de materiële hulpbronnen die hij heeft gevonden en getransformeerd te bezitten en dus te beheersen; en bijgevolg het absolute recht om het eigendom van zulke titels uit te wisselen of weg te geven aan wie bereid is te ruilen of te ontvangen.”
Een latere sectie behandelt de factoren die Milei in staat hebben gesteld het libertarisme populair te maken.
Toen hij in december 2023 aantrad, werd Milei geconfronteerd met begrotings- en monetaire onevenwichtigheden van catastrofale omvang. De Kirchnerist Alberto Fernández liet een staatsschuld achter ter grootte van 156 procent van het bbp, en Argentinië lag op koers voor zijn tiende staatsbankroet. De Centrale Bank had negatieve dollarreserves op haar balans. De maandelijkse inflatie schoot omhoog tot 25,5 procent en de jaarlijkse cijfers dreigden richting hyperinflatie te gaan. Bovendien was het armoedecijfer gestegen tot 55 procent, terwijl 17,5 procent van de bevolking in extreme armoede leefde.
Milei, die campagne had gevoerd voor het presidentschap op basis van drastische bezuinigingen op overheidsuitgaven, deregulering en belastingverlagingen, erkende de ernst van de situatie expliciet in zijn inaugurele toespraak met de woorden: “Er is geen geld.” Hij haalde scherp uit naar de politieke klasse die verantwoordelijk was voor de chaos en benadrukte dat er geen geldig “alternatief bestaat voor begrotingsaanpassing en […] shocktherapie”. Nooit eerder had een leider de roofzuchtige aard van de Staat zo openlijk blootgelegd. Inderdaad heeft Milei zichzelf herhaaldelijk gepresenteerd als een econoom die tegen de heersende orthodoxie in recepten aanbiedt, niet als een carrièrepoliticus. Hij koestert minachting voor politici en beschouwt, fundamenteler nog, de Staat als een grootschalige criminele organisatie die floreert door particuliere middelen toe te eigenen en verantwoording te ontlopen—een diagnose die Rothbard op eloquente wijze formuleerde.
Hoe kan een libertariër zijn doelen nastreven vanaf het hoogste niveau van politieke macht? Het antwoord is eenvoudig: hij moet overheidsinmenging stoppen door de operationele reikwijdte van de overheid te verkleinen. De kettingzaag die Milei op campagne bijeenkomsten zwaait, symboliseert deze bedoeling en drukt de vastberadenheid uit om te breken met de etatistische patronen die Argentinië hebben verarmd. Milei’s eerste presidentiële decreet gaf toestemming om verschillende ministeries af te schaffen en hun aantal terug te brengen van 18 naar 9. Hij richtte zich op de federale bureaucratie door ongeveer 37.000 overheidsmedewerkers te ontslaan en bijna 100 secretariaten en ondersecretariaten af te schaffen, evenals meer dan 200 administratieve eenheden op lager niveau. Kort daarna kondigde hij een omvangrijk uitvoeringsbesluit aan—het “Megadecreto”—gericht op het schrappen van honderden regels op het gebied van huur en arbeidsmarkt om het economisch concurrentievermogen te herstellen.
Milei snoeide de begroting met 35 procent in reële termen en bracht haar al één maand na zijn aantreden in evenwicht. Daardoor boekte Argentinië in het eerste kwartaal van 2024 een begrotingsoverschot van 625 miljard peso. Die ommekeer kwam als een verrassing, aangezien sinds 2011 geen vergelijkbaar overschot meer was geboekt. Zoals Milei consequent heeft benadrukt, is een nultekortbeleid een niet-onderhandelbare pijler van zijn regeringsagenda. Rothbard zelf veroordeelde het draaien van begrotingstekorten als intergenerationele diefstal en vond dat de staatsschuld verworpen moest worden.
De prioriteit van de libertarische regering was het beteugelen van de ontspoorde inflatie. De minister van Economie, Luis Caputo, liet de wisselkoers zich vrij aanpassen en temperde de daaruit voortvloeiende inflatiedruk door begrotingsdiscipline af te dwingen, monetaire expansie te beëindigen en de financiering van overheidsuitgaven via de schatkist stop te zetten. Het spook van hyperinflatie was binnen een jaar verdreven. In april 2024 was de maandelijkse inflatie gedaald tot 8,8 procent; in juni was zij teruggevallen tot 4,6 procent, en de derde week van die maand was de eerste periode in dertig jaar zonder prijsstijging. Volgens de meest recente beschikbare gegevens was de maandelijkse inflatie in december 2025 verder gedaald tot 2,8 procent.
De afschaffing van de huurwet uit 2020 zou Rothbard hebben verheugd. De bestaande regels vertoonden meer dan slechts oppervlakkige gelijkenis met het stedelijke woonbeleid dat hij in New York bekritiseerde. Verhuurders waren gebonden aan asymmetrische opzeggingsverplichtingen; huurcontracten kenden een verplichte minimumduur van drie jaar; en huurverhogingen waren slechts eenmaal per jaar toegestaan. Deze beperkingen beperkten zowel de vrijheid van verhuurders als die van potentiële huurders en maakten economische calculatie onmogelijk. Het resultaat was een verkeerde allocatie op de woningmarkt en een krimp van het aanbod aan huurwoningen. Na het schrappen van deze bepalingen schoot de beschikbaarheid van woningen met 195 procent omhoog en daalden de huurprijzen fors.
Milei’s first-year reforms are encompassed in the Ley de Bases, approved by Congress in June 2024 and promulgated on July 8 of the same year. The legislation constitutes an omnibus bill introducing structural changes across a range of sectors, designed to promote private initiative. Its title deliberately evokes the intellectual legacy of Juan Bautista Alberdi, the author of the 1853 Constitution and a foundational figure in the Argentine liberal tradition. The Ley de Bases is organized into thematic chapters and emphasizes the privatization of public agencies, capital attraction, and the modernization of the productive system.
Milei’s hervormingen in zijn eerste jaar zijn vervat in de Ley de Bases, die in juni 2024 door het Congres werd goedgekeurd en op 8 juli van datzelfde jaar werd afgekondigd. Deze wetgeving vormt een omnibuswet met structurele veranderingen in uiteenlopende sectoren, bedoeld om particulier initiatief te bevorderen. De titel verwijst bewust naar de intellectuele erfenis van Juan Bautista Alberdi, de auteur van de grondwet van 1853 en een sleutelfiguur in de Argentijnse liberale traditie. De Ley de Bases is thematisch opgebouwd en legt de nadruk op privatisering van overheidsinstellingen, het aantrekken van kapitaal en de modernisering van het productieve systeem. Een andere opmerkelijke ontwikkeling is het Pacto de Mayo, een overeenkomst die werd voorgesteld aan de gouverneurs van Argentinië’s drieëntwintig provincies en aan het hoofd van de regering van de Autonome Stad Buenos Aires. Het document herdefinieert de verhoudingen tussen het presidentschap en de lokale overheden in overeenstemming met het subsidiariteitsbeginsel en is opgebouwd rond tien richtlijnen: de onschendbaarheid van privé-eigendom, een sluitende begroting, vermindering van overheidsuitgaven, belastinghervorming, heronderhandeling van de federale inkomstenverdeling, provinciale autonomie bij de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen, hervorming van de arbeidsmarkt, de overgang naar particuliere pensioenfondsen, politieke hervorming en vrijhandel.
Milei schafte het grootste deel van de kapitaal- en valutacontroles af en hief de regels op die de valutamarkt hadden verstoord. Van bijzonder belang was de afschaffing van de cepo cambiario, een star mechanisme van beperkingen op de aan- en verkoop van vreemde valuta dat was ingevoerd na Cristina Fernández de Kirchners tweede termijn. Argentijnen mochten niet meer dan 200 Amerikaanse dollar per maand kopen tegen de officiële wisselkoers, waardoor zij werden opgesloten in een duale munteenheidseconomie die miljoenen mensen richting de zwarte markt dreef.
Terwijl veel landen neo-mercantilistische praktijken omarmen, heeft Milei internationale handel verdedigd als een absolute voorwaarde voor welvaart. Tijdens de openingsceremonie van de 137e Landbouwtentoonstelling in Palermo bevestigde Milei opnieuw zijn inzet om de retenciones al campo—dat wil zeggen exportheffingen op landbouw- en veeteelt producten—duurzaam te verlagen voordat ze uiteindelijk volledig worden afgeschaft. Heffingen op rundvlees en pluimvee werden verlaagd van 6,75 procent naar 5 procent; die op granen van 12 procent naar 9,5 procent; die op zonnebloemproducten van 7 procent naar 5,5 procent; die op sojabonen van 33 procent naar 26 procent; en die op sojabijproducten van 31 procent naar 24,5 procent. Het duurzame karakter van dit beleid geeft boeren een langere planningshorizon bij de toewijzing van toekomstige gewassen. Deze maatregel heeft ook positieve gevolgen voor de Verenigde Staten, die hebben besloten de biodieselproductie uit te breiden en daarvoor grotere volumes sojaolie en het belangrijkste afgeleide product, sojameel, nodig hebben.
De kettingzaag is afval en inefficiëntie blijven aanpakken. Het ministerie van Deregulering en Staatstransformatie, onder leiding van Federico Sturzenegger, kreeg de taak de reikwijdte van de overheid te beperken en de regeldruk voor bedrijven te verlagen. In achttien maanden tijd voerde Sturzenegger 5.000 dereguleringen door. Daaronder vielen de afschaffing van verouderde en onbillijke regels, een vermindering van 11,7 procent van het aantal werknemers in de publieke sector en de vereenvoudiging van administratieve procedures.
Op 26 december 2025 ratificeerde Argentinië de Ley de Inocencia Fiscal, een wet die het Argentijnse belastingstelsel wijzigt door het toezicht te versoepelen en de uitgavendrempel te verhogen waaronder individuen niet langer verplicht zijn de herkomst van hun geld te verantwoorden. De wet is gebaseerd op het constitutionele beginsel van het vermoeden van onschuld (artikel 18) en breidt de toepassing daarvan uit naar het fiscale domein. Volgens de nieuwe bepalingen worden belastingbetalers niet langer als vermoedelijke ontduikers behandeld, maar als compliant beschouwd totdat het tegendeel is bewezen. Het agentschap voor inkomsten- en douanecontrole (ARCA) moet voortaan materiële inconsistenties aantonen voordat het aangiftes mag aanvechten, waardoor bestuurlijke overreach wordt ingeperkt.
Rothbard geloofde dat belastingheffing “diefstal op gigantische, ongecontroleerde schaal” was, uitgevoerd door de monopolist van geweld—de staat. In zijn visie verstoort elke belasting vrijwillige uitwisseling, verplaatst zij middelen van producenten naar politieke afhankelijken en creëert zij perverse prikkels. Rothbard hield vol dat belastingontduiking een legitieme vorm van verzet tegen staatsdwang is en geen strafbaar feit.
Door het heersende schuldvermoeden om te keren, verplicht deze hervorming de Staat zijn agressie te rechtvaardigen, in lijn met Rothbards verdediging van eigendomsrechten, en begrenst zij bureaucratische excessen. Deze regeling geeft individuen meer ruimte om zich te verzetten tegen fiscale inmenging zonder onmiddellijk aan sancties bloot te staan. In die zin kan de hervorming worden gezien als een tussenstadium dat de basis legt voor een voluntaristische orde, waarin belastingheffing en staatsgezag uiteindelijk worden vervangen door spontane systemen van particuliere verzekering en contractuele samenwerking.
Als men de effecten van Milei’s hervormingen zou willen samenvatten, is het redelijk te concluderen dat zij hebben bijgedragen aan de verbetering van de Argentijnse economie. Het desinflatie proces heeft een daling van de groothandelsrente mogelijk gemaakt, die in 2023 nog op 121 procent stond en nu schommelt tussen 34 en 35 procent nominale jaarrente voor particuliere banken. De verhouding staatsschuld/bbp is gehalveerd en kwam in januari 2026 uit op 73 procent. Het bbp kromp met 1,5 procent tot en met het tweede kwartaal van 2024 als gevolg van de bezuinigingsmaatregelen; daarna liet de economie een stevig herstel zien, gedreven door exportgroei en hernieuwde investeringen. In 2025 kwam de bbp-groei uit op bijna 5 procent, aanzienlijk boven het Latijns-Amerikaanse gemiddelde.
Rothbard betoogde dat de armen helpen eenvoudigweg betekent dat de overheid “uit de weg moet gaan”. Zijn oordeel is door de ervaring bevestigd. Als gevolg van de in Argentinië doorgevoerde hervormingen werd de armoede tegen medio 2025 geraamd op 31,1 procent, en daalde de kinderarmoede tot het laagste niveau sinds 2017. Hoewel het proces van ontstatisering nog tijd en inspanning vergt, wijzen empirische indicatoren op een veelbelovende richting.
Hier komen we bij een breuklijn binnen het libertarische denken: het buitenlands beleid. Rothbard had gelijk toen hij opmerkte dat veel libertariërs zich ongemakkelijk voelen bij internationale aangelegenheden en hun energie liever richten op normatieve theorie of binnenlandse kwesties. Milei’s geopolitieke positionering heeft vijandigheid opgeroepen bij degenen die hem afschilderen als een soort quasi-Buckleyiet, of zelfs als een neoconservatief die uit is op buitenlandse verstrengelingen—een beschuldiging die vaak samenhangt met zijn steun aan Israël. Zulke voorstellingen lezen zowel zijn uitgangspunten als zijn doelstellingen verkeerd. Milei onderschrijft geen gewapend avonturisme en stelt ook niet voor om Argentinië’s niet-oorlogvoerende status op te offeren door het land in geschillen tussen grootmachten te trekken. Geen enkele echte neoconservatief zou de Staat omschrijven als een georganiseerde racket die via dienstplicht de persoonlijke integriteit schendt. Elke serieuze beoordeling moet ook rekening houden met Argentinië’s verwaarloosbare invloed in mondiale strategische aangelegenheden, waardoor angsten voor imperiale projectie grotendeels speculatief blijven.
Milei stelt dat de westerse beschaving haar kernelementen moet behouden door joods-christelijke waarden en de beginselen van het natuurrecht hoog te houden. In zijn visie ontstaat individuele vrijheid niet in een moreel vacuüm, maar vloeit zij voort uit een lang ethisch erfgoed. Hij veroordeelt wat hij ziet als een progressieve cultuur van zelfverloochening die zowel Europa als Noord-Amerika heeft verzwakt
Deze diplomatieke houding verwerpt supranationaal bestuur en drukt een uitgesproken scepsis uit tegenover intergouvernementele instellingen. In de traditie van negentiende-eeuwse klassieke liberale denkers zoals Frédéric Bastiat en Richard Cobden betoogt Milei dat vreedzame co-existentie tussen naties het best wordt gewaarborgd door het vrije verkeer van goederen, arbeid en kapitaal. Hij weet dat dit kader afhankelijk is van het stoppen van de verspreiding van socialisme, dat anders de voorwaarden van ruil zou ondermijnen die hij onmisbaar acht.
Milei’s intrek in de Casa Rosada heeft repercussies gehad tot buiten de grenzen van Argentinië. In verschillende landen —Panama, Ecuador, Bolivia, Honduras en Chili— hebben links georiënteerde partijen duidelijke verkiezingsnederlagen geleden tegen bewegingen die breed worden omschreven als conservatief of anticommunistisch. Hoewel de winnende kandidaten niet als libertariërs kunnen worden geclassificeerd, hebben velen aspecten van Milei’s stijl en manier van optreden overgenomen. De Argentijnse president heeft op dit momentum ingespeeld door de vorming van een regionale vrijemarktalliantie aan te moedigen als tegenwicht tegen het socialistische São Paulo Forum.
Milei’s benadering van de verspreiding van het libertarisme sluit aan bij de strategie die Rothbard in de epiloog van For a New Liberty uiteenzette. Nadat hij na 2015 publieke bekendheid kreeg, werd Milei een veel geziene gast in televisiepanels en radioprogramma’s, waar hij de Oostenrijkse economie op eenvoudige en toegankelijke wijze uitlegde. Als toenmalig hoogleraar macro-economie aan de Universidad de Belgrano verduidelijkte hij onderwerpen als de conjunctuurcyclus en de theorie van het marginaal nut aan de hand van alledaagse voorbeelden. Zijn flamboyante houding en opruiende, soms grove retoriek—die de aandacht van jongere doelgroepen trok—wakkerden nieuwsgierigheid aan naar elementair economisch redeneren. Door de frustratie van jongeren te mobiliseren wist Milei diffuse onvrede om te zetten in politiek momentum. Generatie Z vormt nu het grootste deel van de electorale achterban van La Libertad Avanza.
Milei’s opkomst berustte op zijn brede aantrekkingskracht over verschillende groepen heen. Hij wist niet alleen jonge kiezers te enthousiasmeren en de hogere middenklasse aan te trekken, traditioneel ontvankelijk voor klassieke liberale ideeën, maar drong ook door in delen van de arbeidersklasse die lange tijd op het Kirchnerisme hadden gestemd. Anders dan Donald Trump benaderde Milei economisch kwetsbare groepen niet met bombastische slogans of ongeloofwaardige beloften. In plaats daarvan verdedigde hij de morele superioriteit van het laissez-fairekapitalisme boven staatsgericht collectivisme, waarbij hij marktcoördinatie presenteerde als een ethisch alternatief in plaats van een technocratische noodgreep.
Op een strategisch kruispunt had Milei de keuze zich te beperken tot een marginale achterban of zijn bereik binnen de Argentijnse samenleving te verbreden. Hij koos voor dat laatste en won de tweede ronde van de presidentsverkiezingen tegen de peronist Sergio Massa met 55,7 procent van de stemmen. In 2023 bezat La Libertad Avanza slechts 38 van de 257 zetels in de Kamer van Afgevaardigden en 7 van de 72 in de Senaat, maar wist de partij haar agenda toch te bevorderen dankzij de externe steun van de centrumrechtse partij Juntos por el Cambio en de Unión Cívica Radical. Toch ging de parlementaire samenwerking gepaard met spanningen. Om de wetgevende kwetsbaarheid te verkleinen, begon Milei te onderhandelen met actoren die ontvankelijker waren voor zijn platform, in afwachting van winst bij de tussentijdse verkiezingen. Binnen de Iberosfeer hebben libertariërs de neiging zich economisch en sociaal met rechts te verbinden; convergentie met conservatieve krachten lag daarom grotendeels in de lijn der verwachting.
Een van Milei’s trouwste bondgenoten was Patricia Bullrich, minister van Veiligheid en nu senator voor Buenos Aires. Als ervaren politica steunde zij de president toen vicepresident Victoria Villarruel buiten zijn medeweten de Senaat bijeenriep, waardoor kirchneristen wetgeving konden aannemen die een pensioenmoratorium herinvoerde en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen verhoogde. Een presidentieel veto volgde prompt. In een interview met buitenlandse media in februari 2025 bekende Bullrich dat zij zich “meer libertarisch dan conservatief” voelde. Kort daarna verliet zij Juntos por el Cambio en sloot zij zich aan bij La Libertad Avanza. Of dit nu uit overtuiging gebeurde of niet, is van ondergeschikt belang. Milei oefent een krachtige invloed uit en heeft miljoenen Argentijnen—zelfs levenslange politici—ertoe gebracht hun opvattingen over de zaak van de vrijheid te heroverwegen.
De Argentijnse president is erin geslaagd libertariërs, religieuze conservatieven, liberale hervormers, law-and-order-haviken en politiek niet-gebonden kiezers met een anti-establishmentinstelling te verenigen. Deze coalitie belichaamt Rothbards rechts-populisme getrouwer dan welk eerder experiment ook. In minder dan vijf jaar groeide La Libertad Avanza uit tot de leidende politieke kracht van het land. Bij de tussentijdse verkiezingen van 2025 behaalde de partij een klinkende overwinning met 40,8 procent van de stemmen en—voor het eerst—telde de libertarische fractie in de Kamer van Afgevaardigden meer zetels dan de kirchneristen: 95 tegenover 93. Onder deze omstandigheden zal het steeds moeilijker worden libertarische hervormingen te blokkeren.
Milei heeft opgemerkt dat politiek een spel met een negatieve som is. Toch kan zij worden benut als instrument om de Staat van binnenuit af te breken en hem te dwingen “één laatste, snelle, glorieuze daad van zelfverbranding te verrichten, waarna hij van het toneel verdwijnt,” zoals Rothbard schreef in How and How Not to Desocialize. Milei definieert zichzelf als “minarchist op de korte termijn en anarchokapitalist op de lange termijn”, zich er terdege van bewust dat duurzame transformaties een opeenvolging van incrementele vooruitgangen in de tijd vergen. Als hij het minarchisme als louter theoretisch doel had nagestreefd, zou hij waarschijnlijk niet de praktische resultaten hebben bereikt die nu zichtbaar zijn. Waarschijnlijker is dat hij de bestaande omstandigheden had verslechterd door de status quo te bestendigen. Dat pad zou hem hebben geleid naar wat Rothbard “rechts opportunisme” noemde. Omgekeerd zou roekeloos handelen zijn ontaard in “links sektarisme”.
Sommige libertariërs verwijten Milei dat hij de politiek is ingegaan, uit vrees dat deelname libertarische principes zou verwateren of zelfs verraden. Ondanks aanzienlijke obstakels heeft Milei tot dusver met opmerkelijke consistentie gehandeld. Rothbard verwierp gradualisme als een rechtvaardigingsleer voor eindeloos compromis; Milei deelt die visie, wat mede verklaart waarom hij theorie in praktijk heeft kunnen omzetten. Geen enkele verdediging van individuele vrijheid kan effectief zijn als zij op een abstract niveau blijft steken en de praktische dimensie negeert. Libertariërs zouden beter gediend zijn met een realistische strategie dan met vasthouden aan ideologische zuiverheid of hardnekkigheid. Dat betekent niet dat men zich moet overgeven aan een utilitaristisch perspectief, maar wel dat men pragmatische aanpassing moet zoeken onder leiding van uiteindelijke doelen. Elke stap richting vrijheid verdient lof, omdat, zoals Rothbard uitlegde, “wat de overgangseisen ook zijn, het uiteindelijke doel van de vrijheid altijd hooggehouden moet worden als het gewenste doel;” en “geen enkele stap of middel mag ooit expliciet of impliciet in tegenspraak zijn met het uiteindelijke doel.”
In dat licht krijgt de financiële swap van 20 miljard dollar die afgelopen oktober tussen Argentinië en de Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent werd gesloten, een andere betekenis. Hoewel deze regeling kan afwijken van libertarische orthodoxie, hield zij Milei’s hervormingen overeind in een periode van verhoogde volatiliteit. Waar eerdere regeringen verplichtingen opstapelden zonder geloofwaardig aflossingspad, heeft de huidige regering deze verplichting volledig, inclusief rente, binnen de afgesproken termijn afgelost.
Veel vragen blijven onopgelost. Het is onzeker of Milei zijn campagnebelofte om de Centrale Bank te sluiten zal nakomen, of dat hij daarvoor zal terugdeinzen. Ook is onduidelijk of het haalbaar is de munt te denationaliseren en afstand te nemen van fiatgeld. Binnenlandse en internationale druk kunnen zijn bewegingsruimte verkleinen, waardoor de reikwijdte van hervormingen beperkt wordt en verdere vooruitgang op het pad van de vrijheid wordt belemmerd. Hoewel het te vroeg is om definitieve conclusies te trekken, is het voorstelbaar dat de meest ambitieuze onderdelen van Milei’s agenda in een tweede termijn kunnen worden uitgevoerd, mits het politieke klimaat gunstig is.
Libertariërs zouden Milei noch moeten vereren, noch zijn beslissingen kritiekloos moeten aanvaarden. Een verstandiger reactie is te leren van zijn ervaring terwijl mogelijke fouten worden erkend, in plaats van te vervallen in vooringenomen oppositie. Men moet niet vergeten dat het libertarisme geen dogma is om de menselijke natuur via politieke middelen te hervormen; het functioneert veeleer als een remedie tegen de pathologieën van de moderne wereld. Milei laat zien dat de culturele strijd tegen collectivisme nog steeds te winnen is. Zijn “kettingzaag revolutie” suggereert dat vrijheid het enige beginsel is dat de menselijke waardigheid kan respecteren, de individuele eigenheid kan beschermen en de samenleving kan bevrijden van een van haar meest schadelijke misvattingen: het geloof dat de Staat een welwillende actor is.
Lorenzo Cianti studies Political Science and International Relations at Roma Tre University. He writes for Italy’s oldest opinion magazine L'Opinione delle Libertà, as well as for the online magazine Atlantico Quotidiano and the Mises Institute. He writes about economical, philosophical cultural and political topics.
This article previously appeared on the website of the Mises Institute https://mises.org/mises-wire/chainsaw-revolution-javier-mileis-rothbardian-assault-argentine-collectivism
Image credits: Getty Images via Unplash



